Naar de inhoud

Home · Blog · Westnijlvirus: Utrecht telt de eerste dode

Nieuws Door Tim de Vries 26 augustus 2026 9 min lezen

Westnijlvirus: Utrecht telt de eerste dode

Westnijlvirus: Utrecht telt de eerste dode

Update 17 september: vierde dode, en de eerste besmetting via een bloedtransfusie

Bijgewerkt op 17 september 2026. Dit blok vervangt de cijfers uit het blok van 5 september hieronder en de cijfers in het artikel zelf: de teller staat niet meer op negen mensen en niet op één dode.

Het RIVM meldt in zijn overzicht van 17 september tien nieuwe patiënten. Daarmee staat het aantal mensen dat het westnijlvirus in Nederland opliep op 28, tot en met 16 september. Er is een vierde patiënt overleden, en dat sterfgeval is van een ander soort dan de drie ervoor: deze persoon kreeg het virus via een bloedtransfusie. De donor bleek later besmet. Het RIVM schrijft er meteen bij dat onduidelijk is wat de oorzaak van het overlijden was; de patiënt was al ziek. Dat onderscheid is geen slag om de arm van een voorlichter, het is precies wat er bekend is.

Bloedbank Sanquin heeft het bloed van die donor geblokkeerd toen de test positief bleek, en laat aan RTV Utrecht weten dat niemand anders het heeft ontvangen en dat het wordt vernietigd. Die donor komt volgens Sanquin uit het noorden van de provincie Utrecht. Waar de overleden patiënt vandaan komt, meldt het RIVM niet. Let op dat verschil: de provincienaam in de kop hoort bij de donor, niet bij de dode.

Het praktische nieuws voor deze regio zit in de zin erna. Sanquin testte tot nu toe alleen donaties uit de risicogebieden, en dat waren de provincie Utrecht en de Gooi- en Vechtstreek. Het bloed van deze donor was afgenomen vóórdat die screening begon, zegt een woordvoerder, “want er waren toen nog geen menselijke besmettingen in Nederland”. Vanaf 18 september breidt de bloedbank het testgebied uit naar bijna heel Nederland; alleen Groningen, Friesland en Drenthe vallen buiten de risicogebieden, maar ook daar worden donaties getest. Kort gezegd: heel Nederland wordt getest.

Correcties op alles hieronder. Waar in het blok van 5 september en in het artikel zelf negen besmettingen staan, moeten er 28 staan. Waar één overledene staat, zijn het er in 2026 vier. De provincielijst is langer geworden: naast Utrecht, Noord-Brabant, Noord-Holland en Zuid-Holland noemt het RIVM nu ook Overijssel en Gelderland. Bij de dieren klopt niets meer van de oude aantallen: de NVWA staat op 88 positief geteste paarden in 2026 in plaats van vijf, en het aantal gemelde vogels is 100 in plaats van zes. Alleen bij de muggen staat de teller nog op drie positieve pools. Het RIVM noemt de sterfte onder kraaiachtigen opvallend hoog.

En één ding uit het stuk hieronder blijft staan, hoe vervelend ook: de kaart groeit nog steeds mee met waar gekeken wordt. Twee nieuwe provincies erbij in twee weken is geen virus dat oostwaarts wandelt, dat is een meetnet dat zijn achterstand inhaalt. Het advies voor je eigen tuin verandert er niet door, en de screening bij Sanquin is nu het enige deel van deze keten waar echt iets is veranderd.

Update 5 september: negen besmettingen, en de vierde provincie is er

Bijgewerkt op 5 september 2026. Dit blok vervangt de cijfers verderop in het artikel: de teller staat niet meer op drie, en de kaart telt niet meer drie provincies.

Het RIVM heeft de overzichtspagina over westnijlkoorts bijgewerkt. Tot en met 2 september 2026 was het virus bij negen mensen vastgesteld; inmiddels staat die teller op 28. Bij één van hen kwam de besmetting aan het licht in wetenschappelijk onderzoek van Sanquin Research onder bloeddonoren; de anderen werden gevonden nadat zij met klachten in het ziekenhuis waren opgenomen. De besmettingen vonden plaats in Utrecht, Noord-Brabant, Noord-Holland en Zuid-Holland. Eén patiënt is overleden.

Dat vierde provincienaam is precies waar wij hieronder op zeiden te letten. Toen dit artikel op 26 augustus verscheen, stonden er drie provincies op de kaart en schreven wij: komt er een melding uit een vierde provincie, dan lag het virus daar allang en keek er niemand. Noord-Holland staat er nu bij, en de teller ging in één week van drie naar negen mensen. Dat is geen uitbraak die zich in zeven dagen heeft voltrokken. Dat is een meetnet dat inhaalt, precies zoals het RIVM zelf had aangekondigd toen het artsen vroeg alert te zijn op klachten die bij westnijlkoorts passen.

Twee correcties op de tekst hieronder. Wij schreven dat de overledene in de provincie Utrecht ouder was dan tachtig jaar. De NOS meldt op basis van de nieuwe RIVM-cijfers dat het gaat om iemand die ouder was dan 75 jaar met een onderliggende aandoening. Het RIVM zelf doet uit respect voor de nabestaanden geen uitspraken over deze persoon, dus het enige wat vaststaat is die ondergrens. Wij hebben de zin hieronder aangepast. En waar hieronder staat dat het virus dit jaar bij drie mensen is vastgesteld die het in Nederland opliepen, moet nu negen staan.

Eén cijfer dat je elders tegenkomt, staat níét in het RIVM-overzicht: dat vijf van de negen besmettingen uit de provincie Utrecht zouden komen. Dat meldt Wijks Nieuws, en het kan kloppen, maar het RIVM publiceert geen verdeling per provincie. Wij nemen het daarom over met de naam van de bron erbij en niet als vaststaand feit. Bij de dieren bleef het beeld op dat moment ongeveer gelijk: vijf meldingen van paarden, zes vogels en twee muggenpools waarin het virus is gevonden, allemaal tot en met 2 september. Twee weken later zijn dat er 88, 100 en drie; zie het blok van 17 september bovenaan.

Wat er voor je tuin verandert: niets. Het advies dat hieronder staat, staand water weghalen, geldt nog steeds en geldt nu in vier provincies in plaats van drie. Wel is dit het moment om het één keer bij de buren te doen in plaats van alleen bij jezelf, want de huissteekmug die jou steekt is meestal binnen honderd meter geboren.

Achter een rijtjeshuis in de provincie Utrecht staat sinds de hittegolf een emmer onder de regenpijp. Half vol, lauw, al weken niet omgekeerd. Precies daar legt de gewone huissteekmug haar eitjes. Niemand die daar ’s avonds de fiets langs zet, denkt aan een ziekenhuisopname.

Toch is dat wat er is gebeurd. Het RIVM meldt dat in de provincie Utrecht iemand is overleden aan het westnijlvirus, en dat die persoon het virus hier heeft opgelopen. Het gaat om iemand ouder dan 75 jaar met een onderliggende aandoening, gestorven in het ziekenhuis. Toen dit stuk verscheen, was het virus dit jaar bij drie mensen vastgesteld die het in Nederland opliepen, zo meldde de NOS destijds; dat aantal staat inmiddels op 28, zie het update-blok bovenaan.

Vorige week ging het nog over een bloeddonor uit dezelfde provincie, de eerste in Nederland opgelopen besmetting sinds 2020. Dat is een andere persoon, zegt het RIVM erbij. Het tweede sterfgeval van dit jaar staat los van Utrecht: de GGD Drenthe meldde een vrouw die waarschijnlijk aan westnijlkoorts overleed, maar haar besmetting opliep tijdens een vakantie in Zuidoost-Europa. Dat maakt het Utrechtse geval juist zo zwaar: dit is het virus dat hier is opgelopen, in een emmer of een sloot om de hoek.

Provincies op de kaart zijn provincies waar is gekeken

Er wordt wel degelijk gemeten. Deskundigen van verschillende organisaties houden samen bij hoe vaak het virus voorkomt bij mensen, paarden, vogels en muggen, en dat leverde dit jaar vondsten op in Utrecht, Noord-Brabant en Zuid-Holland, waar inmiddels Noord-Holland bij is gekomen. De NVWA telde toen vijf bevestigde besmettingen bij paarden, de meeste in Zuid-Holland, en staat inmiddels op 88; sommige dieren werden zo ziek dat ze geëuthanaseerd moesten worden.

Waar ik wel over val, is hoe die kaart gelezen wordt. Provincies met vondsten is niet hetzelfde als provincies met virus, en het RIVM zegt dat er zelf bij: het kan ook elders voorkomen. Vondsten stapelen zich op waar al gezocht wordt, want een dode vogel die niemand opraapt telt nergens mee. Zolang dat zo is, kun je zeggen dat de kans klein is, maar niet hoe klein.

Roepen om muggenbestrijding is makkelijker dan het uitvoeren

En dan het ongemakkelijke deel voor iedereen die nu vindt dat de gemeente moet ingrijpen, ik hoorde het vanmiddag al: grootschalig muggen bestrijden in een land met sloten, singels en polders werkt hier gewoon slecht. De cijfers zeggen bovendien wat ze zeggen. Van de mensen die het virus oplopen krijgt 80 procent geen klachten, 19 procent griepklachten en 1 procent iets neurologisch. Van mens op mens gaat het niet over. De kans dat jij het krijgt en er ziek van wordt, blijft klein.

Dat maakt de dode niet minder dood. Het betekent wel dat de winst hier niet in paniek zit, maar in twee dingen die weinig kosten: beter meten, en minder broedplaatsen vlak bij huizen waar kwetsbare mensen wonen.

Keer om wat in je tuin water vasthoudt

De huissteekmug vliegt zelden ver. Wat jou steekt, is meestal binnen honderd meter geboren. Loop dus vandaag je tuin, balkon of dakterras langs en gooi leeg wat stilstaand water vasthoudt: de regenton zonder deksel, de schotel onder de plantenpot, het speelgoed dat op zijn kop lag, de emmer, de verstopte dakgoot. Dat is niet de oplossing voor Nederland. Het is wel het enige stuk van deze keten dat jij vanavond in handen hebt.

Woon je naast iemand van in de tachtig, dan is die dakgoot van de buren net zo goed jouw dakgoot. Zo praktisch is het. En let op wie het RIVM tot de risicogroep rekent: niet alleen hoogbejaarden, maar iedereen boven de 50 en iedereen met een lagere weerstand door ziekte of medicijnen. Voor hen is het advies simpel en saai: horren voor de ramen, lange mouwen in de schemering en muggenwerend middel op de blote huid.

Tot de eerste nachtvorst blijft dit lopen

Muggen verdwijnen niet door een persbericht. Het seizoen loopt door tot het echt koud wordt, en de meldingen die daarna binnenkomen gaan over besmettingen van nu. Het RIVM heeft artsen in heel Nederland inmiddels gevraagd alert te zijn op klachten die bij westnijlkoorts passen. Die oproep is de test: komt er de komende weken een melding uit een vierde provincie, dan lag het virus daar allang en keek er niemand. Blijft het bij deze provincies, dan weten we tot het vriest nog steeds niet of dat de kaart van het virus is of de kaart van onze aandacht. Nawoord 5 september: die vierde melding kwam, uit Noord-Holland.

Meer over hoe droogte en hitte deze zomer op de stad drukten, lees je in ons stuk over de 350 egels die in de opvang belandden. Hoe de zorg in de regio met kwetsbare patiënten omgaat, beschreven we eerder in het onderzoek van het UMC Utrecht naar PTSS bij ouders na een vroeggeboorte. En over het lezen van stadscijfers zonder ze groter of kleiner te maken dan ze zijn, schreven we bij de 214 extra fietsongevallen sinds 2019.

Nieuw in de stad? Gebruik onze keuzehulp voor wijken of blader door de complete stadsgids.

Stel je vraag Reactie meestal op werkdagen